>

Tweede Kamer draait verhoging campertarief MRB niet terug

Camperaars blijven voorlopig te maken houden met het hogere bijzondere tarief in de motorrijtuigenbelasting. De Tweede Kamer stemde vorige week tegen de motie van Dekker en Tony van Dijck, die de verhoging voor kampeerauto’s wilde terugdraaien. Sinds 1 januari 2026 geldt voor campers het halftarief in plaats van het oude kwarttarief.

De motie kreeg 55 stemmen voor en 91 tegen. Daarmee verandert er voor camperbezitters op dit moment niets aan de huidige mrb-regeling. De stemming ging alleen over het terugdraaien van deze tariefwijziging, niet over andere autobelastingen of een nieuwe fiscale regeling voor recreatievoertuigen.

Hoger tarief MRB blijft voorlopig van kracht

Voor camperreizigers zit de verandering vooral in het bijzondere kampeerautotarief. Dat tarief was jarenlang gebaseerd op een kwart van het normale mrb-tarief. Sinds begin dit jaar is dat een halftarief.

Daardoor komt vaak het woord “verdubbeling” terug in het politieke debat en bij belangenorganisaties. Het gaat immers om de stap van kwarttarief naar halftarief binnen de camperregeling, wat in de praktijk inderdaad op een verdubbeling neerkomt. Het volledige reguliere mrb-bedrag voor personenauto’s is niet verdubbeld.

Kamer wijst terugkeer naar kwarttarief af

De motie van Dekker en Van Dijck vroeg het kabinet om de verhoging terug te draaien. Daarvoor bleek geen meerderheid in de Tweede Kamer. Met 91 stemmen tegen bleef de steun beperkt tot een minderheid van de Kamer.

Voor bezitters van een kampeerauto betekent de uitslag dat het huidige fiscale uitgangspunt blijft staan. Wie zijn camper onder het bijzondere tarief heeft geregistreerd, krijgt dus niet alsnog automatisch het oude kwarttarief terug.

Camperaar merkt vooral vaste lasten

De stemming verandert niets aan de manier waarop camperaars reizen, overnachten of hun voertuig gebruiken. Het onderwerp raakt wel aan de vaste lasten van camperbezit, juist omdat veel campers recreatief worden ingezet en lang niet dagelijks op de weg staan.

Juist dat recreatieve gebruik was een belangrijk argument voor het oude kwarttarief. De huidige regeling erkent dat nog steeds met een bijzonder tarief, maar minder ruim dan voorheen. Voor camperaars die hun voertuig vooral in vakanties, weekenden of langere reizen gebruiken, blijft dat verschil behoorlijk ingrijpend in de vaste jaarlijkse kosten.

NKC houdt druk op de politiek

De NKC blijft het onderwerp onder de aandacht brengen bij politici en beleidsmakers. De Nederlandse Kampeerauto Club vindt dat het recreatieve karakter van kampeerauto’s en hun beperkte gebruik van het wegennet mee moeten blijven wegen in de belastingheffing.

De aangekondigde hervorming van autobelastingen kan volgens de belangenorganisatie opnieuw ruimte geven voor discussie over een apart campertarief. Voor nu heeft de Kamer echter geen streep gezet door de verhoging die sinds 1 januari 2026 geldt.